Kleine Android-merken als Meizu, Fairphone, Unihertz, Shiftphone, Murena en Teracube krijgen het steeds lastiger. De volgende grote telefoontrend, generatieve en contextuele AI-functies op smartphones, vraagt inmiddels om veel meer dan alleen een goed toestel.
Jarenlang zorgden juist deze buitenbeentjes voor wat variatie in een markt die anders wel erg snel op elkaar gaat lijken. Maar wie nu nog mee wil doen, moet ook geld steken in zwaardere chips, meer werkgeheugen, cloudcapaciteit, softwarepartners en jarenlange ondersteuning met updates. Voor kleine fabrikanten ligt de lat daardoor ineens een stuk hoger.
Dat zie je niet alleen in theorie. Meizu liet in 2024 zelf al weten te stoppen met nieuwe traditionele smartphoneprojecten en zich voortaan te richten op toestellen die rond dit soort slimme functies zijn gebouwd. Dat zegt genoeg, want zelfs Meizu ziet dat het oude model niet meer werkt.
Volgens marktonderzoeker Counterpoint schuift de industrie in hoog tempo die kant op. Het bureau verwacht dat toestellen die generatieve en contextuele functies aankunnen in 2026 goed zijn voor 45 procent van de wereldwijde smartphoneleveringen, tegenover 36 procent in 2025.
Andere marktprognoses zetten deze deelmarkt op 124,3 miljard dollar in 2025 en 140,8 miljard dollar in 2026. Voor consumenten klinkt dat als vooruitgang. Voor kleinere merken betekent het vooral een hogere rekening: nieuwere chipsets inkopen, extra geheugen toevoegen, software langer onderhouden en ondertussen ook nog zichtbaar blijven in een markt waar marketingbudgetten steeds zwaarder meetellen.
De grote winnaars van die verschuiving zijn de bedrijven met diepe zakken en een compleet ecosysteem. Volgens Counterpoint nam Apple ongeveer 1 op de 5 van de circa 1,3 miljard smartphones voor zijn rekening die vorig jaar zijn geleverd, maar vooral aan de bovenkant van de markt is de invloed van Apple enorm.
Counterpoint schat dat Apple in het segment van 600 dollar of meer ruim twee derde van de markt in handen heeft. Bij toestellen vanaf 1.000 dollar loopt dat zelfs op tot meer dan driekwart. Samsung en Google pompen intussen ook volop geld in eigen slimme functies die op het toestel zelf draaien, van contextuele assistenten en livevertaling tot gespreksfiltering, transcriptie en geavanceerde bewerking van foto en audio.
Door hun schaal bepalen Apple, Samsung en Google steeds nadrukkelijker wat straks als normaal voelt op een nieuwe telefoon.
En er speelt nog iets. De kosten van onderdelen lopen op. Marktonderzoeker IDC verwacht dat de smartphonemarkt in 2026 zijn grootste daling ooit kan meemaken, onder meer omdat de vraag naar infrastructuur voor datacenters de prijzen van geheugen omhoog duwt.
Vooral goedkopere Android-merken zullen dat voelen, terwijl premiummerken prijsstijgingen vaak makkelijker kunnen opvangen of gewoon doorrekenen. Toch is er ook scepsis.
Analisten zien dat deze nieuwe softwarefuncties hard in de markt worden gezet, terwijl consumenten in onderzoeken uit 2025 nog altijd vaker prestaties en batterijduur noemen als doorslaggevende redenen om een toestel te kopen. Tegelijk klinkt de kritiek dat de aandacht te veel naar software verschuift, terwijl echte vernieuwing in de hardware achterblijft.
Dat maakt de komende jaren interessant. De smartphone wordt slimmer, maar ook duurder om te maken. En de echte vraag is of er in dat nieuwe tijdperk nog genoeg plek overblijft voor de kleinere, eigenzinnige merken die Android ooit kleur gaven.