Valve brengt zijn nieuwe Steam Machine in 2026 uit. De vanafprijs komt volgens het bedrijf op 1.049 euro te liggen. Valve zegt dat het die hardware graag goedkoper zou maken om meer mensen te bereiken, maar rekent er tegelijk niet op dat de prijs op korte termijn omlaag kan. Daarmee zit de instapprijs dus een stuk hoger dan waar het ooit op mikte: ongeveer 700 tot 750 euro.
Die hogere prijs heeft volgens Valve vooral met de onderdelenmarkt te maken. Vooral de kosten van componenten drukken zwaar op compacte pc-hardware. Valve wijst daarbij op een paar duidelijke factoren:
- RAM en opslag. Juist die onderdelen hakken er op dit moment stevig in bij de totale kostprijs van compacte pc’s. Een apparaat als de Steam Machine voelt dat dus extra hard.
- Leveranciers. Valve zegt dat leveranciers nog altijd weinig reden zien om hun prijzen snel weer te normaliseren.
- Geheugenmarkt tot 2028. Interne prognoses van Valve wijzen erop dat de druk op de geheugenmarkt in elk geval tot 2028 merkbaar kan blijven. Wie wacht op een Steam Machine die binnenkort flink goedkoper wordt, heeft waarschijnlijk veel geduld nodig.
- Terugkeer van een oud idee. Met deze versie uit 2026 haalt Valve een concept terug dat eerder al vastliep. De eerste Steam Machines, destijds gemaakt door verschillende fabrikanten, verdwenen in 2018 na een vrij beperkt succes.
- Oorzaken van de mislukking. Volgens Valve was het destijds vooral de combinatie van hoge prijzen, een onduidelijke positionering en matige gamecompatibiliteit die het platform lastig verkoopbaar maakte.
- Nieuwe aanpak. Dit keer kiest Valve voor één eigen model, duidelijk geïnspireerd op de Steam Deck: een compacte woonkamer-pc met een consoleachtig gevoel, draaiend op SteamOS en gericht op gemak, niet op eindeloos rommelen met Windows-instellingen.
De eerste indrukken van de nieuwe Steam Machine zijn meestal positief, zeker als het gaat om ontwerp en gebruiksgemak. De kleine behuizing, de focus op de woonkamer en de strakke SteamOS-interface vallen goed. Voor spelers die wel een pc-gamebibliotheek willen, maar geen zin hebben in klassiek desktopgedoe, klinkt dat aantrekkelijk. De prijs-kwaliteitverhouding krijgt alleen meteen flinke kritiek. Met een vanafprijs van 1.049 euro belandt het apparaat in dezelfde arena als een PlayStation 5, een Xbox Series X en zelfs complete gaming-pc’s in die prijsklasse. Dan blijft de vraag hangen: voor wie is deze machine nou echt de beste koop?
Valve laat intussen zien dat het om meer gaat dan alleen de verkoop van één apparaat. SteamOS krijgt steeds nadrukkelijker een plek als serieus alternatief voor Windows-gaming, geholpen door de voortdurende verbeteringen aan Proton. Dat valt op, juist omdat gamecompatibiliteit een van de grootste zwakke plekken van de eerste Steam Machines was.
Valve zegt ook dat SteamOS beschikbaar komt voor compatibele pc’s, vooral voor systemen met bepaalde AMD-gpu’s. In de praktijk betekent dat dat je je eigen Steam Machine kunt samenstellen. Voor wie het idee aanspreekt, maar 1.049 euro te veel vindt voor Valves kant-en-klare versie, is dat misschien zelfs de interessantere route.