Wie de recente aankondigingen van Arm, Intel, AMD en Microsoft naast elkaar legt, ziet al snel dezelfde richting opduiken. De volgende generatie consumentenprocessors van Arm, Intel en AMD krijgt er namelijk een duidelijke taak bij: slimme functies rechtstreeks op je laptop of smartphone draaien. De vernieuwing zit dus niet meer alleen in extra cores of hogere kloksnelheden. Er komt ook een vast nieuw onderdeel in de cpu zelf bij: de Neural Processing Unit, kortweg NPU. Daardoor verhuizen AI-functies als assistenten, live vertaling, samenvattingen, beeldbewerking en video-effecten steeds vaker van de cloud of losse hardware naar het apparaat zelf. Dat scheelt vaak in reactietijd, houdt gevoelige data vaker lokaal en kan het stroomverbruik omlaag brengen.
Best opvallend eigenlijk. Jarenlang hoorde AI vooral thuis op losse videokaarten of in grote datacenters. Precies daarom is een upgrade nu iets om serieus naar te kijken.
Die nieuwe chipaanpak komt hierop neer:
- AI-versnelling schuift op richting de cpu zelf. Werk dat vroeger meestal buiten je apparaat werd afgehandeld, belandt nu direct op je laptop of smartphone.
- In de chip zit voortaan een ingebouwde Neural Processing Unit, of NPU. Assistenten, live vertaling, samenvattingen, beeldbewerking en video-effecten draaien daarop lokaal een stuk efficiënter dan op een gewone cpu, terwijl een gpu voor dit soort taken vaak zwaarder is dan nodig.
- Je bent minder afhankelijk van de cloud. Functies reageren daardoor sneller, gevoelige gegevens blijven vaker op je eigen toestel en de accu krijgt minder klappen.
- Voor neurale taken ligt het stroomverbruik lager. Experts houden het grofweg op 5 tot 10 W op een NPU, tegenover ongeveer 30 tot 40 W op een gpu.
- En bij intensief gebruik kan dat ook nog extra batterijduur opleveren. Diezelfde experts spreken over zo’n 1,5 tot 3 uur winst.
AMD, Intel en Arm duwen allemaal stevig in die richting, al doet ieder dat op zijn eigen manier:
- AMD zet de Ryzen 300-serie op basis van Zen 5 naar voren als belangrijk platform voor Windows 11-systemen met lokale Copilot-functies. Volgens AMD halen die chips een NPU tot 50 TOPS en leveren ze ongeveer drie keer zoveel neurale prestaties als de vorige generatie.
- Intel kiest grofweg dezelfde koers met Intel Lunar Lake en Intel Arrow Lake. Voor dit soort workloads moeten die chips volgens Intel rond drie keer de prestaties van hun voorgangers uitkomen. Vooral Intel Lunar Lake valt op: die chip moet volgens Intel meer dan 40 TOPS op de NPU halen en voldoet daarmee aan de eisen die Microsoft aan Copilot+ pc’s stelt.
- Ook bij mobiele chips wordt eraan gesleuteld. Arm scherpt zijn cpu-ontwerpen verder aan en zegt dat de Arm Cortex-X925 bij neurale taken een prestatiewinst van 41% biedt. Het idee daarachter is duidelijk: generatieve functies op telefoons en andere Arm-apparaten sneller en soepeler laten lopen.
- Met hardware alleen ben je er nog niet. Arm heeft volgens het bedrijf daarom nieuwe bibliotheken uitgebracht, met ondersteuning via frameworks als PyTorch en TensorFlow. Intel en AMD werken intussen, afgaand op hun eigen aankondigingen, samen aan AI Compute Extensions (ACE) om neurale functies op x86-systemen beter te standaardiseren.
- Tegelijk blijven er genoeg vraagtekens over. De markt stroomt snel vol met nieuwe laptops en Copilot+ pc’s, maar het is nog allerminst zeker hoe snel consumenten lokale generatieve functies echt belangrijk gaan vinden. Onafhankelijke praktijkdata over snelheid, stroomverbruik en mogelijke fragmentatie tussen platformen is er bovendien nog maar beperkt.
Daar komt nog bij dat Windows 11 binnenkort meer lokale Copilot-functies krijgt die volgens Microsoft direct op de NPU draaien.
Eén ding staat wel vast: de cpu is niet meer alleen de algemene rekenmotor van je apparaat. In de komende generatie wordt datzelfde onderdeel óók de plek waar steeds meer slimme functies direct, sneller en zuiniger worden uitgevoerd.