Disney overweegt gratis Disney+ met reclame: optie ligt intern op tafel

Disney zou intern kijken naar een gratis versie van Disney+ met reclame. Dat idee kwam recent aan bod tijdens een personeelsbijeenkomst, waar Adam Smith, de product- en technologiechef van Disney, sprak over de mogelijkheid om content via zo’n gratis formule aan te bieden. Veel verder dan dat is het nog niet. Er ligt geen concreet uitrolplan, en Disney heeft ook nog niets gezegd over timing, prijsstrategie of de precieze invulling van zo’n gratis variant. Maar dat het onderwerp nu al intern besproken wordt, zegt genoeg over hoe snel de streamingmarkt aan het schuiven is.

Disney+ Downloaden

Komt die gratis variant er echt, dan lijkt die vooral bedoeld voor mensen die Disney+ best interessant vinden, maar afhaken op de huidige abonnementsprijs. In een markt waarin bijna elke grote speler tegelijk op groei en winstgevendheid jaagt, kan een gratis instapmodel het bereik in één klap een stuk groter maken.

Zo’n stap zou ook niet uit de lucht komen vallen. gratis streamingdiensten met advertenties winnen al langer terrein. In april 2026 waren zogeheten Free Ad-Supported Television-platforms, of FAST-platforms, goed voor 18,7% van de tv-kijktijd in de VS. Twee jaar eerder was dat nog 12,7%. FAST staat voor gratis streamingdiensten die draaien op reclame.

Die groei laat zien dat veel consumenten best met advertenties kunnen leven, zolang ze daar gratis content voor terugkrijgen. En Disney hoeft hier niet vanaf nul te beginnen.

Over de eerste drie kwartalen van 2026 zat 30,6% van de wereldwijde Disney+-abonnees op het goedkopere abonnement met reclame. Dat komt neer op ongeveer 47,2 miljoen mensen. In de VS lag dat aandeel nog hoger, op 43,2%.

Disney’s advertentie-ondersteunde streamingdiensten, waaronder Disney+, Hulu en ESPN+, bereikten wereldwijd 157 miljoen maandelijks actieve gebruikers in januari 2025. In mei 2025 stond die teller al op 164 miljoen.

Pluto TV Downloaden

De rest van de markt beweegt dezelfde kant op. Netflix en Max hebben inmiddels allebei goedkopere abonnementen met reclame toegevoegd. Tegelijk laten gratis diensten als Tubi en Pluto TV zien dat er veel vraag is naar streaming zonder maandelijkse kosten.

Voor Disney kan een gratis Disney+ dus twee dingen tegelijk zijn: een verdedigende zet en een offensieve. Het bedrijf kan er nieuwe kijkers mee binnenhalen en tegelijk zorgen dat het competitief blijft. Analisten denken wel dat zo’n gratis versie waarschijnlijk niet de volledige Disney+-bibliotheek zou bevatten.

Eerder ligt een beperkte of zorgvuldig samengestelde selectie voor de hand. Denk aan oudere films en series, losse afleveringen of pilots. Op die manier kan Disney kijkers laten kennismaken met het platform, om ze later richting een betaald abonnement te trekken.

Er blijven ook genoeg vragen open. Een gratis laag kan bestaande betalende klanten verleiden om een stap terug te doen, en dat zet druk op de gemiddelde opbrengst per gebruiker. Disney zal bovendien moeten uitzoeken waar de grens ligt tussen genoeg advertenties om geld te verdienen en een kijkervaring die mensen niet meteen zat zijn.

Ook is nog onduidelijk in welke landen zo’n model als eerste zou verschijnen en op welke doelgroepen Disney zich dan precies richt. Voorlopig is dit dus vooral een intern signaal dat veel zegt: Disney lijkt serieus te onderzoeken of gratis streaming met reclame de volgende groeifase van Disney+ kan worden.

Volkswagen werkt nu aan plan: tot 100.000 banen op de tocht

Volkswagen werkt, afgaand op meerdere berichten, aan een ingrijpend herstructureringsprogramma onder de naam Future Plan. Daarbij zouden tot 100.000 banen kunnen verdwijnen. Ook het aantal modellen en de totale productiecapaciteit zouden flink worden teruggeschroefd. Het doel van dat plan is volgens diezelfde berichten om de autobouwer sneller weer winstgevender te maken in een markt die onder druk staat door afzwakkende vraag, hoge kosten en steeds fellere concurrentie, vooral uit China.

Wat er volgens meerdere berichten in dat Future Plan staat:

  • minder modellen. Volkswagen zou het modellenaanbod met maximaal 50% willen inkrimpen.
  • minder configuraties en opties. Die complexiteit moet met tot 75% omlaag, zodat ontwikkeling, productie en logistiek goedkoper uitvallen.
  • minder productiecapaciteit. Voor de pandemie zat Volkswagen nog op ongeveer 12 miljoen voertuigen per jaar; volgens meerdere berichten wil het concern terug naar 9 miljoen.
  • minder personeel. Tot 100.000 banen zouden kunnen verdwijnen, ongeveer 15% van het wereldwijde personeelsbestand. Dat is twee keer zoveel als een eerder genoemd doel van 50.000 arbeidsplaatsen.
  • extra financiële druk. In het eerste kwartaal kwam de operationele winstmarge volgens meerdere berichten uit op slechts 3,3%, een zorgelijk niveau voor een massaproducent met zulke hoge vaste kosten.
  • meer concurrentie uit China. Chinese EV-merken voeren de druk op, met scherpe prijzen en een hoog tempo. EV staat voor elektrische voertuigen, dus auto’s met een volledig elektrische aandrijving. Die concurrentie kost Volkswagen in China marktaandeel en verkopen.
  • hoge productiekosten in Duitsland. Samen met de zwakkere prestaties in China maakt dat de bestaande organisatie te groot en te duur.
  • mogelijke fabriekssluitingen in Duitsland. Volkswagen zou, als de berichten kloppen, tegen 2034 kijken naar sluiting van vier fabrieken: Zwickau, Emden, Hanover en Audi’s vestiging in Neckarsulm. Op die locaties werken samen ongeveer 40.000 mensen.
  • meer productie in goedkopere regio’s. Volgens meerdere berichten onderzoekt Volkswagen of een groter deel van de productie kan worden verplaatst naar locaties in Oost-Europa.
  • keuzes die buiten Europa nu al zichtbaar zijn. De productie van de Volkswagen ID.4 in Chattanooga, Tennessee, wordt volgens meerdere berichten stopgezet om plaats te maken voor SUV’s met verbrandingsmotor, waar op dit moment meer vraag naar is.

Of Volkswagen dit hele plan ook echt kan doorvoeren, is allesbehalve zeker. IG Metall en werknemersvertegenwoordigers hebben al gewaarschuwd voor stevige confrontaties als de ingrepen te ver gaan. Dat verzet telt zwaar mee, omdat arbeid binnen de raad van toezicht van Volkswagen een sterke positie heeft.

Ook de deelstaat Nedersaksen heeft hier veel invloed en zal zich vermoedelijk niet zomaar neerleggen bij grootschalige sluitingen of banenverlies in Duitsland. Voor consumenten betekent deze koerswijziging vooral dat Volkswagen de komende jaren selectiever wordt, met minder varianten, minder overlap en een scherper afgebakend aanbod.

Voor Volkswagen zelf ligt de inzet nog hoger. Het bedrijf moet laten zien dat het ook in het EV-tijdperk winstgevend kan blijven groeien.

Wearables in de zorg: vanaf vandaag blijft smartwatchdata amper bruikbaar in de spreekkamer

Vanaf vandaag is er voor artsen en patiënten een nieuw overzicht van de stand van zaken rond wearables in de zorg. Smartwatches, fitnesstrackers en slimme ringen meten inmiddels hartslag, slaap, activiteit en soms zelfs signalen die kunnen wijzen op hartritmestoornissen. Toch is die stroom aan gezondheidsdata nog geen vanzelfsprekend onderdeel van de medische praktijk. Van een zichtbare doorbraak in de dagelijkse zorg is voorlopig geen sprake. Volgens de American Medical Association (AMA) zien artsen en patiënten daar wel potentie in, maar grootschalige inzet loopt vast op vergoedingen en op het feit dat de klinische onderbouwing nog beperkt is.

Fitbit Downloaden

Toch moet je dit blijven volgen. Het schort namelijk niet aan interesse. Artsen en patiënten zien de mogelijkheden heus wel, alleen lopen ze nog steeds aan tegen de manier waarop zorg wordt betaald en tegen de vraag hoeveel van die data uit consumentenapparaten klinisch echt hard te maken is.

De huidige situatie rond wearables in de zorg ziet er zo uit:

  • Verzekeringen en vergoedingen vormen een structurele drempel. Die wegen zwaarder dan de vraag of consumenten een wearable willen kopen of artsen ermee zouden willen werken.
  • De klinische validatie blijft beperkt. Vaak is nog niet goed genoeg aangetoond dat data uit consumentenapparaten echt beter werkt bij diagnose, monitoring of behandeling.
  • Ook in de klinische workflow zijn wearables nog nauwelijks ingebed. Een enquête van de American Medical Association (AMA) laat zien dat in geen enkel onderzocht land meer dan 6% van de artsen wearable-data echt in de workflow heeft geïntegreerd; in de Verenigde Staten ligt dat aandeel volgens de AMA ook op 6%.
  • Daartegenover staat een consumentenmarkt die hard groeit. Wereldwijd loopt de wearablesmarkt op tot 109 miljard in 2026, met een verwachte afzet van 614 miljoen apparaten.
  • In de Verenigde Staten zijn wearables onder consumenten al breed verspreid. Volgens de American Medical Association (AMA) heeft inmiddels 46% van de volwassenen daar een wearable.
  • De data komt bovendien al bij de arts terecht. Volgens de American Medical Association (AMA) heeft 59% van de Amerikaanse volwassenen met een wearable de verzamelde gegevens al eens besproken met een zorgverlener.
  • Dat legt extra druk op de spreekkamer. Patiënten nemen die informatie serieus, maar artsen hebben vaak nog geen gestroomlijnde manier om die gegevens te beoordelen, op te slaan of mee te nemen in de besluitvorming.
  • Voor wearables en gezondheidsapps bestaan in de reguliere zorg nog maar weinig vaste vergoedingsroutes. Zolang artsen en zorginstellingen niet duidelijk weten of en hoe zulke toepassingen worden betaald, blijft implementatie lastig.
  • Via Medicare beweegt er wel iets. Medicare start een tienjarige ACCESS-pilot, bedoeld om wearables en apps voor de begeleiding van chronische aandoeningen te vergoeden op basis van gezondheidsuitkomsten, maar dat verandert de dagelijkse praktijk niet van de ene dag op de andere.
  • Er is ook behoefte aan sterker bewijs en duidelijkere aansprakelijkheidsregels. Het moet helderder worden wie verantwoordelijk is als een arts data mist, verkeerd uitlegt of juist te veel vertrouwt op een consumentenapparaat.
  • De koppeling met elektronische patiëntendossiers (EPD’s) blijft een lastig punt. Zo’n koppeling moet ervoor zorgen dat medische gegevens veilig en centraal kunnen worden opgeslagen, maar in de praktijk is de aansluiting met wearable-data ingewikkeld.
  • Meer data betekent voor artsen al snel ook meer administratie en meer informatie om door te nemen. Die zorg over extra werk speelt nadrukkelijk mee.
  • Over de nauwkeurigheid blijft discussie bestaan. Sommige metingen uit consumentenapparaten zijn nog altijd onderwerp van debat.
  • Tegelijk schuift het gebruik wel op richting serieuzere medische toepassingen. Steeds meer apparaten krijgen functies met goedkeuring van toezichthouders, zoals detectie van atriumfibrilleren of signalen van slaapapneu. Daardoor wordt de grens tussen wellness-gadget en medisch hulpmiddel steeds minder scherp.

De inzet van wearables in de zorg kan de komende tijd dus best een extra zet krijgen, zeker als vergoedingen, pilots en technische koppelingen verder worden uitgewerkt. Maar daar zit ook meteen het echte punt. Data verzamelen is al lang niet meer het probleem. De lastige stap is om die data veilig, vergoed en op een manier die echt iets toevoegt in de zorg te laten landen.

Meta riskeert nu 12,5 miljard dollar in de EU: Facebook en Instagram mogelijk in strijd met de DSA

De Europese Commissie heeft vandaag voorlopig geoordeeld dat Meta met Facebook en Instagram mogelijk de Digital Services Act (DSA) schendt, de Europese wet voor grote online platforms. Volgens Brussel zijn de apps zo ontworpen dat gebruikers er te lang en te vaak in blijven hangen.

Instagram Downloaden

Blijft die voorlopige conclusie straks staan, dan kan Meta een boete krijgen die oploopt tot 6 procent van de wereldwijde jaaromzet. Kijk je naar de inkomsten van vorig jaar, dan gaat het om meer dan 12,5 miljard dollar.

De Commissie richt zich daarbij heel nadrukkelijk op bekende mechanismen in de apps. In de ogen van Brussel gaat het niet simpelweg om handige functies, maar om ontwerpkeuzes die mensen op de automatische piloot zetten: nog even kijken, nog wat verder scrollen, en pas laat doorhebben dat het eigenlijk genoeg is geweest.

De kern van de zaak zit in de verplichtingen uit de Digital Services Act. Die wet verplicht zeer grote platforms om systemische risico’s in kaart te brengen en te beperken, ook als het gaat om de veiligheid en gezondheid van gebruikers. De voorlopige bevindingen van de Europese Commissie komen hierop neer:

  • infinite scroll. Een eindeloze feed die maar doorloopt en het lastiger maakt om uit jezelf te stoppen.
  • automatisch afspelende video’s. Video’s springen vanzelf door naar de volgende, waardoor mensen langer blijven kijken.
  • risico’s voor fysieke en mentale gezondheid. Volgens de Europese toezichthouders heeft Meta te weinig onderzocht wat dit soort ontwerpkeuzes met gebruikers doet.
  • minderjarigen en andere kwetsbare groepen. Voor juist deze gebruikers zouden de risico’s nog een stuk groter zijn.
  • tijdsbeheer en ouderlijk toezicht. De hulpmiddelen die er nu zijn, zouden in de praktijk te makkelijk weg te klikken zijn, of juist te technisch en omslachtig voor veel ouders.
  • standaardbeveiliging. Brussel wil dat de belangrijkste verslavende functies standaard uit staan.
  • extra veiligheidsmaatregelen. Denk aan schermtijdpauzes die echt werken en aanbevelingssystemen die minder zwaar draaien op het zo lang mogelijk vasthouden van aandacht.

Meta bestrijdt de bevindingen van de Europese Commissie en zegt dat het al flinke stappen heeft gezet om tieners beter te beschermen. Daarbij wijst het bedrijf op Teen Accounts, ouderlijk toezicht, beperkingen in de nacht en dagelijkse schermtijdlimieten.

Dat verweer haalt de zaak voorlopig niet van tafel. Zo’n voorlopige bevinding van de Commissie is nog geen definitieve veroordeling, maar wel een serieuze waarschuwing. Meta krijgt bovendien nog de ruimte om te reageren voordat Brussel met een definitief besluit komt.

De Europese procedure staat ook niet los van de rest. Meta ligt al langer onder het vergrootglas vanwege de invloed van zijn platforms op jongeren.

En de druk neemt buiten de EU net zo goed toe. In het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten klinken vergelijkbare zorgen, terwijl Meta daar ook verwikkeld is in rechtszaken waarin wordt gesteld dat Facebook en Instagram bijdragen aan mentale gezondheidsproblemen bij jongeren. Voor gebruikers verandert er vandaag nog niets. Maar de lijn die de Europese Commissie uitzet, is moeilijk te missen: ontwerpkeuzes die aandacht vasthouden gelden steeds minder als neutrale productbeslissingen, en steeds meer als een reguleringsrisico dat Meta bijzonder duur kan komen te staan.

Beeldgeneratoren van Meta, Google en OpenAI: nu betere handen, maar ook luxere beelden

In een praktijkvergelijking tussen Meta’s Muse Image, Google’s Gemini en OpenAI’s ChatGPT Images 2.0 blijken beeldgeneratoren nog maar zelden de klassieke missers te maken waar ze vroeger om bekendstonden. Misvormde handen en onleesbare borden en rommelige, onbegrijpelijke scènes komen veel minder voor. Tekst op posters en verpakkingen is bovendien verrassend vaak gewoon leesbaar.

ChatGPT Downloaden

Het probleem is alleen ergens anders terechtgekomen. De nieuwste beelden zijn technisch indrukwekkend, maar zien er vaak té perfect uit, te netjes uitgelicht en te zorgvuldig opgebouwd. Daardoor krijg je minder het gevoel van een visuele nachtmerrie en eerder van een soort ‘neppremium’-look: geloofwaardig genoeg om niet meteen door de mand te vallen, maar nog altijd net vreemd genoeg om kunstmatig aan te voelen.

Wie nog uitgaat van oudere AI-beelden, kijkt inmiddels naar een achterhaald beeld. Je idee daarover mag dus best worden bijgesteld.

De vergelijking van Meta’s Muse Image, Google’s Gemini en OpenAI’s ChatGPT Images 2.0 bevat:

  • Muse Image als beeldtool voor sociale media. Meta zet het model vooral neer binnen zijn eigen apps.
  • Gemini als snelle gespreksassistent. Google legt de focus op snelheid, bewerken en gebruik binnen een doorlopend gesprek.
  • ChatGPT Images 2.0 als precies beeldmodel. OpenAI positioneert het voor nauwkeurige tekstweergave, visuele controle en beter begrip van prompts.
  • Praktijkverschillen tussen de drie. Alle modellen zijn inmiddels capabel, maar Meta en Gemini reageren snel en werken prettig als je in hoog tempo wilt experimenteren.
  • Een grillige posteropdracht bij OpenAI. ChatGPT Images 2.0 liet meer controle zien, maar had er ruim drie minuten voor nodig, ging drie keer de mist in en werkte pas nadat er een nieuwe chat was gestart.
  • Minder fouten, meer ‘neppremium’. Bij een opdracht rond een vermoeide kantoormedewerker die om middernacht instant noedels eet, volgden alle drie de modellen de instructies keurig op, maar geen enkel resultaat voelde echt slordig of emotioneel raak.
  • Eerder een campagnefoto dan een late werkavond. De scènes leken meer op zorgvuldig geregisseerde reclamebeelden dan op een geloofwaardige avond overwerken.
  • Een straatscène uit Manila. Meta en Gemini kregen details als plastic krukjes, nat asfalt, motoren, stoom en geïmproviseerde zeilen behoorlijk goed mee, maar het eindbeeld bleef opvallend opvallend glad en brochureachtig.
  • Sterkere tekstweergave. In een testposter voor een fictief ‘Bad Wi‑Fi Café’ produceerden alle drie de modellen grotendeels leesbare tekst, iets waar oudere systemen vaak compleet op vastliepen.
  • Niet-Latijnse schriften. OpenAI’s nieuwste beeldmodel zou daarnaast sterk zijn in correcte tekstweergave in andere schriften.
  • Betere compositie, wisselende productcontrole. In een prompt met een kat, een koffer en een paraplu hielden de modellen zich goed aan plaatsing en verhoudingen, maar bij productbeelden werd de betrouwbaarheid minder: een generieke premium-oordopjesfoto was simpel, terwijl een heel specifieke vraag naar draadloze open-ear-oordopjes bij alle drie eindigde in vergelijkbare, vage productplaatjes.

Dat is relevant, omdat die markt hard groeit. Volgens marktonderzoek wordt de markt voor automatisch gegenereerde beelden in 2026 geschat op 12,4 miljard, met meer dan 150 miljoen maandelijkse gebruikers die samen zo’n 80 miljoen beelden per dag maken.

Tegelijk zou menselijke nauwkeurigheid bij het onderscheiden van echte en synthetische beelden volgens datzelfde marktonderzoek zijn teruggevallen naar 38 procent. En juist nu de oude fouten verdwijnen en dat ‘te mooie’ beeld de norm begint te worden, zullen synthetische beelden alleen maar moeilijker te herkennen zijn.

Daardoor wordt het lastiger om misleiding, esthetische vooringenomenheid en misbruik snel op te merken. De technologie is dus niet alleen beter geworden, maar vooral ook moeilijker te doorgronden.

Arm, Intel en AMD geven nieuwe cpu’s een NPU: slimmer zonder videokaart

Wie de recente aankondigingen van Arm, Intel, AMD en Microsoft naast elkaar legt, ziet al snel dezelfde richting opduiken. De volgende generatie consumentenprocessors van Arm, Intel en AMD krijgt er namelijk een duidelijke taak bij: slimme functies rechtstreeks op je laptop of smartphone draaien. De vernieuwing zit dus niet meer alleen in extra cores of hogere kloksnelheden. Er komt ook een vast nieuw onderdeel in de cpu zelf bij: de Neural Processing Unit‍, kortweg NPU. Daardoor verhuizen AI-functies als assistenten, live vertaling, samenvattingen, beeldbewerking en video-effecten steeds vaker van de cloud of losse hardware naar het apparaat zelf. Dat scheelt vaak in reactietijd, houdt gevoelige data vaker lokaal en kan het stroomverbruik omlaag brengen.

CPU-Z Downloaden

Best opvallend eigenlijk. Jarenlang hoorde AI vooral thuis op losse videokaarten of in grote datacenters. Precies daarom is een upgrade nu iets om serieus naar te kijken.

Die nieuwe chipaanpak komt hierop neer:

  • AI-versnelling schuift op richting de cpu zelf. Werk dat vroeger meestal buiten je apparaat werd afgehandeld, belandt nu direct op je laptop of smartphone.
  • In de chip zit voortaan een ingebouwde Neural Processing Unit, of NPU. Assistenten, live vertaling, samenvattingen, beeldbewerking en video-effecten draaien daarop lokaal een stuk efficiënter dan op een gewone cpu, terwijl een gpu voor dit soort taken vaak zwaarder is dan nodig.
  • Je bent minder afhankelijk van de cloud. Functies reageren daardoor sneller, gevoelige gegevens blijven vaker op je eigen toestel en de accu krijgt minder klappen.
  • Voor neurale taken ligt het stroomverbruik lager. Experts houden het grofweg op 5 tot 10 W op een NPU, tegenover ongeveer 30 tot 40 W op een gpu.
  • En bij intensief gebruik kan dat ook nog extra batterijduur opleveren. Diezelfde experts spreken over zo’n 1,5 tot 3 uur winst.

AMD, Intel en Arm duwen allemaal stevig in die richting, al doet ieder dat op zijn eigen manier:

  • AMD zet de Ryzen 300-serie op basis van Zen 5 naar voren als belangrijk platform voor Windows 11-systemen met lokale Copilot-functies. Volgens AMD halen die chips een NPU tot 50 TOPS en leveren ze ongeveer drie keer zoveel neurale prestaties als de vorige generatie.
  • Intel kiest grofweg dezelfde koers met Intel Lunar Lake en Intel Arrow Lake. Voor dit soort workloads moeten die chips volgens Intel rond drie keer de prestaties van hun voorgangers uitkomen. Vooral Intel Lunar Lake valt op: die chip moet volgens Intel meer dan 40 TOPS op de NPU halen en voldoet daarmee aan de eisen die Microsoft aan Copilot+ pc’s stelt.
  • Ook bij mobiele chips wordt eraan gesleuteld. Arm scherpt zijn cpu-ontwerpen verder aan en zegt dat de Arm Cortex-X925 bij neurale taken een prestatiewinst van 41% biedt. Het idee daarachter is duidelijk: generatieve functies op telefoons en andere Arm-apparaten sneller en soepeler laten lopen.
  • Met hardware alleen ben je er nog niet. Arm heeft volgens het bedrijf daarom nieuwe bibliotheken uitgebracht, met ondersteuning via frameworks als PyTorch en TensorFlow. Intel en AMD werken intussen, afgaand op hun eigen aankondigingen, samen aan AI Compute Extensions (ACE) om neurale functies op x86-systemen beter te standaardiseren.
  • Tegelijk blijven er genoeg vraagtekens over. De markt stroomt snel vol met nieuwe laptops en Copilot+ pc’s, maar het is nog allerminst zeker hoe snel consumenten lokale generatieve functies echt belangrijk gaan vinden. Onafhankelijke praktijkdata over snelheid, stroomverbruik en mogelijke fragmentatie tussen platformen is er bovendien nog maar beperkt.

Daar komt nog bij dat Windows 11 binnenkort meer lokale Copilot-functies krijgt die volgens Microsoft direct op de NPU draaien.

Eén ding staat wel vast: de cpu is niet meer alleen de algemene rekenmotor van je apparaat. In de komende generatie wordt datzelfde onderdeel óók de plek waar steeds meer slimme functies direct, sneller en zuiniger worden uitgevoerd.

Google Pixel 12: vroege geruchten wijzen op grote Tensor G7-upgrade

De eerste geruchten over de Google Pixel 12 en Googles vermoedelijke Tensor G7-chip zijn opgedoken. Als je die vroege, onbevestigde lekken mag geloven, kan die Tensor G7 de volgende Pixel-generatie een stuk interessanter maken, ook als de kale CPU- en GPU-kracht niet bovenaan de ranglijsten belandt. Daar moet wel meteen een stevige waarschuwing bij: dit is nu nog bijna volledig giswerk. De Pixel 12 wordt pas ergens rond 2027 verwacht, en er is nog niets bevestigd over specificaties, benchmarks, prijzen of beschikbaarheid per regio.

Wat er op dit moment rond Tensor G7 en de Pixel 12 rondzingt:

  • codenaam ‘Lajolla’. Daarmee lijkt Google vast te houden aan het Californië-thema, na Tensor G5 met ‘Laguna’ en de verwachte Tensor G6 met ‘Malibu’.
  • mogelijk een 2nm-productieproces. In theorie zou dat voor een zuinigere en efficiëntere chip kunnen zorgen, maar daar is voorlopig geen betrouwbare bevestiging voor.
  • geen monsterchip die puur op piekprestaties mikt. De lijn in de huidige geruchten is juist dat Google Apple of Qualcomm niet koste wat kost wil verslaan op topsnelheid, maar eerder een flinke stap wil zetten op een punt dat dagelijks gebruik echt prettiger maakt.
  • onbekende upgrade. Geen enkele geloofwaardige leak heeft tot nu toe duidelijk kunnen maken wát die verbetering dan precies zou zijn.
  • een gevoelig punt voor gamers en veeleisende gebruikers. Pixel-telefoons staan al jaren bekend om soepele software, sterke camera’s en handige functies die op het toestel zelf draaien, maar veel minder om maximale prestaties in zware games of veeleisende apps.
  • een vervolg op Googles eigen koers sinds de Pixel 6 in 2021. Sinds de overstap van Qualcomm Snapdragon naar Tensor trekt Google hardware en software veel strakker naar elkaar toe, ongeveer zoals Apple dat al jaren aanpakt.
  • nadruk op beeldverwerking, live vertaling en stemherkenning. Dat zijn al die tijd de functies geweest die meer aandacht kregen dan benchmarkrecords.
  • een sterkere plek in het topsegment, maar ook terugkerende kritiek. Die aanpak heeft Google geholpen om de Pixel-serie steviger als premium product neer te zetten, terwijl je ook al langer hoort dat dure toestellen met meer moeten komen dan alleen slimme extra’s, zeker nu concurrenten zulke functies steeds vaker ook hebben.

Volgens de huidige lekken zou de Pixel 12-serie daarnaast opnieuw breder worden opgezet, met een basismodel, twee Pro-varianten in verschillende formaten en een opvouwbaar model. Google lijkt dus vast te houden aan een hele reeks topmodellen, in plaats van alles op één enkel vlaggenschip te zetten.

Wie nu al verder vooruitkijkt, heeft waarschijnlijk meer aan Tensor G6 dan aan Tensor G7. Die chip, vermoedelijk bedoeld voor de Pixel 11-serie, krijgt volgens geruchten een zevenkernige CPU en mogelijk een modem van MediaTek, wat betere efficiëntie en connectiviteit moet opleveren. Hoe dat in de praktijk uitpakt, kan later veel zeggen over de richting die Google met Tensor G7 op wil.

De vraag waar het uiteindelijk om draait, is vrij rechttoe rechtaan: zijn Googles bekende softwarevoordelen tegen 2027 nog steeds genoeg, of moet de Pixel 12 dan eindelijk ook een duidelijk grotere stap zetten in pure prestaties? Tot er hardere informatie op tafel ligt, zit daar eigenlijk de kern van al die vroege geruchten.

iPhone 18 Pro Max krijgt vermoedelijk grotere batterij: wel dikker en zwaarder

Als de lekken kloppen, krijgt de Apple iPhone 18 Pro Max volgend jaar een duidelijk grotere batterij. Dat beeld komt niet van één bron, maar duikt op bij Ice Universe en Digital Chat Station, en ook in verwijzingen naar Chinese certificerings- en regelgevingsdocumenten. De winst zou vooral in de accuduur zitten. Daar staat waarschijnlijk wel iets tegenover: de Apple iPhone 18 Pro Max lijkt iets dikker en zwaarder te worden dan zijn voorganger. Apple heeft dit zelf nog niet bevestigd, en over de exacte cijfers lopen de berichten nog uiteen, maar opvallend genoeg wijzen de geruchten steeds weer dezelfde kant op. Wil je vooral maximale batterijduur, dan is dat uitstekend nieuws. Hoop je juist op een slanker toestel, dan voelt dit een stuk minder aantrekkelijk.

De Apple iPhone 18 Pro Max krijgt volgens de huidige geruchten:

  • een batterij van ongeveer 5.567 mAh voor het Amerikaanse eSIM-model en rond 5.391 mAh voor de internationale versie met fysieke simkaart, als we uitgaan van informatie van Ice Universe, Digital Chat Station en verwijzingen naar Chinese certificerings- en regelgevingsdocumenten. Die aanduiding, milliampère-uur of mAh, laat zien hoeveel energie de accu kan opslaan.
  • een flinke stap omhoog vergeleken met de Apple iPhone 17 Pro Max, die volgens dezelfde informatie uitkomt op ongeveer 5.088 mAh in de Amerikaanse variant en circa 4.823 mAh in het internationale model. Dat is geen minieme toename. Het maakt meteen begrijpelijk waarom er steeds vaker wordt gesproken over een serieuze verbetering van de accuduur.
  • een dikte van ongeveer 9 mm in plaats van 8,75 mm, als de huidige lekken kloppen. Op papier lijkt dat misschien beperkt, maar in dagelijks gebruik kun je zo’n verschil echt merken, zeker bij een toestel dat nu al tot de grootste smartphones op de markt hoort.
  • een gewicht van ongeveer 240 gram, volgens de geruchten, en dat is zo’n 7 gram meer dan het vorige model. Ook een paar gram extra kan opvallen als je het toestel de hele dag in je hand houdt of in je broekzak hebt zitten.
  • mogelijk een aangepast camerasysteem dat volgens de berichten dikker uitvalt dan bij de huidige Pro Max-modellen. De batterij lijkt dus waarschijnlijk niet de enige reden waarom het toestel als geheel wat forser wordt.
  • een A20 Pro-chip die volgens geruchten op een 2nm-procedé wordt gemaakt. Zo’n overstap kan niet alleen extra prestaties opleveren, maar ook zorgen voor een betere energie-efficiëntie. In diezelfde geruchten valt zelfs een prestatiewinst tot 15 procent te lezen, naast een lager stroomverbruik, waardoor de Apple iPhone 18 Pro Max kan uitgroeien tot een van de langst meegaande iPhones ooit.
  • een hoofdcamera met variabel diafragma voor beide Pro-modellen, een mogelijk kleiner Dynamic Island en nieuwe kleuren, waaronder een afwerking die in geruchten wordt omschreven als ‘Dark Cherry’.
  • mogelijk ook een hoger prijskaartje. Sommige analisten denken dat de Apple iPhone 18 Pro-modellen tot 200 dollar duurder kunnen worden door stijgende componentkosten, terwijl de langverwachte vouwbare iPhone van Apple volgens de huidige berichten juist later verschijnt dan eerder gehoopt, door productieproblemen.

Voorlopig zijn het nog altijd geruchten, maar alles wijst wel grofweg dezelfde kant op: de Apple iPhone 18 Pro Max kiest volgens Ice Universe, Digital Chat Station en verwijzingen naar Chinese certificerings- en regelgevingsdocumenten waarschijnlijk voor meer uithoudingsvermogen, ook als dat betekent dat het toestel iets zwaarder en dikker wordt.

De komende tijd zal de Apple iPhone 18 Pro Max vermoedelijk ook rond de camera, het ontwerp en de prijs nog meer aandacht krijgen, maar op dit moment springt vooral die grotere accu eruit als de opvallendste verandering.